Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for augustus, 2013

Kruisbeeld

19082013

Jaren geleden, ik liep met mijn lief en mijn broer over landweggetjes en bospaadjes door de Cévennes, kwamen we op vrijwel elke driesprong een kruisbeeld tegen. Heel pittoresk, zou je zeggen, maar ik werd er vooral kregelig van. Misschien wilde ik er niet graag aan herinnerd worden dat het tot de menselijke mogelijkheden (en dus de mijne) behoorde om een ander mens zoiets aan te doen? Mogelijk ook zag ik er een soort verheerlijking van het slachtofferschap in, en daar moest ik ook al niets van hebben. Bovendien deed ik juist mijn best het christendom af te zweren, omdat ik meende dat ik die akelige vatbaarheid voor verlammende schuldgevoelens aan mijn religieuze opvoeding te danken had.

Laatst zat ik hier thuis met een klein gezelschap op de bank, we hadden net het toetje op, toen het gesprek op de kruisdood van Christus kwam. “Ik heb daar toch nog altijd  moeite mee,” bekende een van ons, die beslist zeer gelovig was. “Ik bedoel: dat hele idee dat God zijn eigen kind moest opofferen en dat die zo heeft moeten leiden. En dat om onze zonden. Is er dan werkelijk zoveel mis met mij, dat dat nodig was?” Goh, dacht ik, wat een herkenbare gedachte! Maar tegelijk stond er een andere gedachte in mij op en tot mijn eigen verbazing begon ik die uit te spreken.

“Stel nou,” probeerde ik, “dat je het ook anders zou kunnen zien. Bijvoorbeeld als een gebaar van God. Een geste om ons te helpen met ons leven in een gebroken wereld.” Het maakte voor mij niet eens zoveel uit of God het had bedacht, of zijn Zoon. Of in onderling overleg, wat me binnen een Drieëenheid wel aannemelijk leek. En misschien was Jezus alleen maar een geniale mens, die zijn leven eraan waagde om dat gebaar aan zijn medemensen voor te houden. “Jullie hoeven je niet langer druk te maken over schuld en boete. Dat is nu eens en voor al geregeld. Jullie zijn vrij, maak er wat van!”

Nu kun je heel goed denken dat dit allemaal onzin is, en nergens voor nodig als die idiote godsdienst er niet eerst was. Mijn eigen ervaring is echter dat zich dan wel andere redenen aandienen om gebukt door het leven te gaan. De armen zijn altijd bij u. Je kunt het op je nemen om de wereld te verbeteren, of zelfs de planeet te redden, de onrechtvaardigheid uit te bannen. (Vergeet de zorg voor je eigen gezondheid niet!) Of als Iwan Karamazow menen dat je niet gelukkig kunt zijn zolang er nog één kind op de wereld is dat huilt. Maar misschien is het wel makkelijker een kind te troosten als je de handen vrij hebt van al die schermutselingen met je eigen existentiële nietigheid.

Toevallig las ik de afgelopen week twee boeken die raakten aan het thema van vergeving, want daar gaat het hier ook nog eens om. Wel over de andere kant van het Godsgeschenk: het ‘gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren’. Het eerste ging over wraak. In Fay Weldon’s The life and loves of a she-devil wijdt een door haar man bedrogen en qua uiterlijk schoon misdeelde vrouw de rest van haar leven aan de Wraak. Je moet het maar lezen, het is schitterend. Ik was vergeten hoe heerlijk het kan zijn om veilig mee te resoneren met extreme wraakgevoelens. Je kunt zelfs tot de conclusie komen dat het Kwaad soms zo kwaad nog niet is, zeker tegen een achtergrond waarin het Goede wordt vereenzelvigd met burgerlijke, patriarchale, of feministische wensen en waarden.

Het andere boek behelsde een waar gebeurd levensverhaal, waarin wreedheid en vernedering een centrale rol speelden. In Terug naar de River Kwai kijkt Loet Velmans, een uit Nederland gevluchte Jood, die uiteindelijk het grootste deel van de oorlog als dwangarbeider aan de Birma-spoorlijn werkte, terug op zijn leven. Verbijsterend  genoeg dat zoiets heeft bestaan, en dat deze man het heeft overleefd. Begrijpelijk dat ook hier is sprake van wraakgevoelens, met name tijdens de vernederingen en ontberingen. Velmans en zijn lotgenoten ontleenden er zelfs de vitaliteit aan die nodig was om te overleven. Maar ronduit indrukwekkend vond ik de woorden die hij wijdde aan zijn naoorlogse jaren en de persoonlijke confrontatie met Japanners na de oorlog.

Uiteindelijk is het hem namelijk gelukt, ondanks het uitblijven van collectieve excuses van de kant van Japan, een positieve houding te bewaren ten opzichte van het wereldgebeuren en hoop te houden op de mogelijkheid dat de muren, opgetrokken uit angst, onbegrip en vooroordelen, ooit zullen verbrokkelen. Wel wordt duidelijk dat hier geen ‘eens en voor al-moment’ te verwachten is, zoals in de kruisdood van Christus. Aan onze kant blijft het een weg, vaak genoeg een hele klim, die tot vergeving leidt. Maar misschien helpt het wel, als we naar de andere kant toe de handen vrij hebben. Dan is het zo gek nog niet als er af en toe een kruisbeeld op een driesprong staat om je daaraan te herinneren.

Read Full Post »

04082013

“Het doel van de therapie,” sprak mijn therapeute bedachtzaam, “is gevoel en inzicht weer bij elkaar te brengen.” Hierbij spreidde zij de vingers van haar beide handen en bracht de vingertoppen langzaam naar elkaar. “Aan inzicht alleen heb je niks en met het blote gevoel kom je ook niet ver.” Ik weet nog steeds niet of ik het mij verbeeldde of niet, maar volgens mij hebben haar vingertoppen elkaar nét niet geraakt. Alsof ik daaruit moest begrijpen dat die toenadering tussen gevoel en verstand een nimmer eindigend spel zou zijn.

Als er al een einde aan komt, zal dat ook mijn einde zijn. Ik stel me voor dat ik op de drempel van de uitgang een jute zak of een boodschappentas zal achterlaten, vol met anecdotes als deze – en die aan het einde van het voorlaatste bericht. Laat ik er nóg één vertellen, misschien is daarmee dit berichtje alweer klaar:

Ik zit in het klaslokaal van een van mijn kinderen. Het is ouderavond en voor het bord loopt een gastspreker heen en weer, een gebruinde man met korte, grijzende krullen. Juist terwijl ik me dromerig bedenk dat hij mooi is om te zien, zegt hij iets dat me bij zal blijven. “Van je preken zal een kind niet zoveel leren. Met een beetje pech loopt het alleen maar een slecht geweten op. Om te leren moet het de gelegenheid krijgen emotionele ervaringen op te doen. En jij bent er om ze die gelegenheid te geven.” Pas op, deze woorden impliceren nogal wat.

Bijvoorbeeld dat je jezelf ook aan emotionele ervaringen bloot moet stellen, want ouder zijn is niet iets wat je op een stil plekje leert om het daarna op verantwoorde wijze toe te passen. Je leert het als je – met bevend hart – je dochter van achttien om vier uur ‘s ochtends helemaal alleen in een taxi ziet stappen, op weg naar Schiphol. Ze zal een half jaar in India rondtrekken en als volwassene terugkomen. Je leert het weer als die andere van zestien je zegt dat ze vannacht op kroegentocht wil en niet van plan is om daar een eindtijd bij te noemen. Met moeite prop je je bezwaren terug vanwaar ze zich naar buiten wurmden en je probeert – zo goed en zo kwaad als dat gaat – te peilen of zij met de risico’s van een dergelijke onderneming uit de voeten zal kunnen. Dan geef je haar je vertrouwen. De volgende dag krijg je de verhalen te horen en haal je opgelucht adem. Het is een betoverend mooie nacht geweest.

Het is ook een betoverend mooi leven, want als je een beetje oplet, zijn er telkens weer vingertoppen die elkaar naderen. Wanneer iemand iets doet of zegt wat je misschien al honderd keer gehoord of bedacht hebt: opeens tuimelt het van je brein naar je middenrif, waar volgens de oude Grieken de wijsheid zetelt.

1. Kunst

Wat we willen:
Momenten
Van helderheid
Of beter nog: van grote
Klaarheid

Schaars zijn die momenten
En ook nog goed verborgen

Zoeken heeft dus
Nauwelijks zin, maar
Vinden wel

De kunst is zo te leven
Dat het je overkomt

Die klaarheid, af en toe

Martin Bril

Read Full Post »