Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for februari, 2010

De Tweede Kramer

Toen Aristoteles ooit de mens definieerde als een ‘zoion politikon’, heeft hij mij over het hoofd gezien of welbewust van de mensheid afgeknipt, zoals altijd wel iemand overkomt zodra ‘de mens’ gedefinieerd wordt. Ik ben namelijk in het geheel niet politiek. Waar het maar enigszins kan loop ik de politieke kantjes eraf en bewandelt mijn leven de marges die het politieke bedrijf heeft overgelaten. Politiek is voor mij vooral een zootje, en geef mij eens ongelijk, vandaag de dag in Nederland.

Maar, ook al vind ik dat het belang ervan vaak behoorlijk overschat wordt: het moet wel gedaan worden. Gelukkig zijn er mensen die wel binnen Aristoteles’ definitie van “politiek dier” vallen. Eén van die mensen is mijn vriendin Petra Kramer uit Drachten. Zij maakt al vier jaar deel uit van de gemeenteraad van Friesland’s grootste dorp. Aanvankelijk binnen de gelederen van de SP, maar toen zij daar uitgegroeid raakte geheel zelfstandig. Lijst Kramer heet zoiets dan, geloof ik.

Nu de gemeenteraadsverkiezingen voor de volgende ambtsperiode eraan komen, zou je kunnen verwachten dat zo’n beroepsdissident stilletjes van het toneel verdwijnt. Niets is minder waar! Overal op de houten panelen in de gemeente Smallingerland prijkt de prachtige affiche van de Tweede Kramer. Mensen die er verstand van hebben voorspellen haar twee zetels. Waar heeft zij die aan verdiend?

De Tweede Kramer is, in Petra’s woorden, een ‘rozerode’ partij. Rood, dat snapt iedereen die haar blog op drachtenwiljemeemaken.nl volgt meteen. Petra staat altijd pal als de schamele rechten van al diegenen die het minder hebben in onze samenleving over het hoofd gezien worden. Maar roze? Wat moet dat buiten de randstad? Geloof het of niet, roze kindertjes worden ook in de provincie geboren. En in een provincie waar twee jaar geleden iemand werd doodgestoken omdat een ander veronderstelde dat hij hem ‘mietje’ noemde, is het nog niet vanzelfsprekend dat je ook ‘gewoon homo’ kunt zijn. Daarom bekent de Tweede Kramer kleur en zet de partij zich uitdrukkelijk in voor roze rechten in Drachten.

Ik wens Petra en haar Tweede Kramer veel succes bij de komende verkiezingen!

Read Full Post »

Het gebeurt niet heel geregeld, dat wij thuis een drie gangen-menu krijgen, dus het was echt een beetje feest toen Laura haar kookopdracht voor school uitvoerde. Voor Laura zelf was het reuze spannend, want haar kookervaring beperkte zich tot nu toe tot pizzarondjes, appeltaart en een spiegelei. Vandaar naar een diner was een hele sprong.

Er zit ook heel wat aan vast: je menu vaststellen, een boodschappenlijstje maken, de boel in huis halen. En dan begint het pas. Want wat doe je op welk moment en hoe zorg je dat het allemaal precies op tijd op de borden ligt? Tegen het eind van de middag loopt de spanning behoorlijk op. Gezonde stress, zie ik, want Laura is wel helemaal on top of it.

Eerst maakt zij de frambozenpudding klaar, want die moet lekker koud zijn tegen de tijd dat wij aan ons toetje toe zijn. De vruchtjes die het zullen decoreren moeten juist een beetje warm gezet worden: die komen om deze tijd van het jaar uit de diepvries.

Dan gaan de broodjes de oven in, zodat ze nog net een beetje warm zijn als de maaltijd begint. Ondertussen snijdt Laura tomaten en mozzarella in fraaie dunne plakjes. Die legt zij om en om tegen elkaar op een bord, met een blaadje verse basilicum ertussen. Het lijkt de Italiaanse vlag wel!

O ja, de broccoli moet in de pan, gelukkig is-ie al wel gesneden! En dan kunnen we aan het voorgerecht. Laura dekt snel de tafel en dient op. Wij laten ons verwennen.

Nu kan Laura zelf ook weer een beetje ontspannen. Van de weeromstuit vergeet zij de broccoli, die nog op het vuur staat. Oei, dat wordt geen al dente meer! Snel giet zij de groente af en begint aan het piece de resistance, de lamskarbonaadjes. Ze gaan de grillpan in, die al heel lang heeft staan voorverwarmen op het gasstel. Vanuit de kamer horen wij een hevig gesis en gesputter, maar Laura roept niet om hulp. Even later komt zij de kamer in met drie lamskarbonades en voor haar vegetarische zus een gezonde burger.

En dan wordt het even stil. Laat ik alleen voor mijzelf spreken: daar ligt op mijn bord het heerlijkste, sappigste, precies goed gegrilde lamsvlees dat ik in jaren geproefd heb. Rose van binnen, een fraai grillstreepje van buiten, peper en zout erop, hmmm, nu weet ik weer dat gastronomie een eerbiedwaardige wetenschap is en keukenprinses een hoogstaand beroep.

Terwijl wij nog even beduusd nagenieten van zoiets goddelijks, wordt het dessert binnengedragen. Rose-rood, zoet en fris, een tikje zomers en o zo zacht. Als het laatste likje ervan verdwenen is, zijn wij niet “vol”, maar wel voldaan. Laura mag dit van nu aan elke week doen!

Read Full Post »

Schaapachtig

Een van de weinige beelden die ik nog over heb uit mijn leven van voordat ik vier jaar werd, is dit: ik word opgetild tot boven de onderdeur van de schaapskooi waarin mijn opa’s schapen slapen. In mijn herinnering is de ruimte helemaal vol, er kan er niet eentje meer bij. En ik zie heel duidelijk tussen al die vuilwitte schapen twee zwarte. Dat ik mij dat herinner, moet wel betekenen dat het mijn verwondering wekte, maar ik weet heel zeker dat ik toen nog geen enkel besef had van het verschijnsel dat aan de kudde zijn metaforiek ontleent.

Eigenlijk kwam dat pas echt in mijn puberteit, toen ik vanuit de benauwdheid van het gereformeerde dorp waar ik was opgegroeid een poging deed de vrije wind van de hoofdstedelijke hippiecultuur te gaan ademen. Behalve een buitengewoon verwarrende ervaring met echte onveiligheid bracht mijn avontuur mij een fraaie desillusie. Het non-conformisme van de flower power-beweging, waarvan ik verwachtte dat het mij een sfeer zou bieden waarin ik probleemloos mijzelf zou kunnen zijn, bleek tegenover de establishment wel heel onaangepast, maar naar binnen toe aan allerlei ongeschreven wetten te gehoorzamen. Manieren die ik niet verstond, omdat ik ze niet geleerd had.

Dit was de eerste, maar zeker niet de laatste, keer dat ik gewaar werd hoezeer wij kuddedieren zijn. En wat het kan betekenen als jouw wol een andere kleur lijkt te hebben dan die van de meeste anderen. Toch heeft het heel lang geduurd eer ik een klein beetje snapte aan welke natuurwetten dit verschijnsel gebonden is en nog altijd zijn er momenten dat ik erdoor verrast word.

Mijn protestantse opvoeding (ik ben geboren uit een huwelijk waarin de Afscheiding van 1834 en de Doleantie van 1886 samenkwamen) heeft me er diep van doordrongen hoe het verlangen naar gelijkgestemdheid en de afkeer van elke vorm van hypocrisie onherroepelijk leidt tot het vormen van steeds kleinere kuddes. En hoe het normbesef daarbij omgekeerd evenredig toeneemt.

De roze subcultuur, waar ik op dit moment in mijn leven een beetje bij aanhang, kent ook een heel eigen paradox. In het zich bevrijden van “de heteronorm” door een groep van gelijkgestemden te vormen ligt de kiem voor een nieuwe eis om zich aan groepsnormen te conformeren. Het komt nog altijd voor dat een lesbiënne die een keer iets met een man heeft als “verraadster” wordt gezien. Van bi-mannen wordt vaak nog gedacht dat zij niet durven toegeven dat ze ‘eigenlijk’ homo zijn. En nu ik zelf bemerk dat transgender voor mij iets tijdelijks is, voelt dat ook als een loyaliteitsconflict.

Terugdenkend aan de schaapskooi van mijn opa overvalt mij de gedachte dat wij in onze kuddegeest niet alles van de schapen hebben geleerd: mij vielen die twee zwarte schapen wel op, maar voor hen zelf en al die witachtigen leek het niks uit te maken wat voor kleur wol zij hadden.

Read Full Post »