Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for juni, 2008

Paradise lost

Zoals er nog altijd mensen zijn die zoeken naar de graal, de ark des verbonds, de ark van Noach, het verdronken Atlantis, het graf van Jezus en andere mysterieuze voorwerpen of plaatsen, zijn er ook die zoeken naar de exacte locatie van het paradijs, de oorspronkelijke hof van Eden. Ene Michael Sanders en een zekere David Rohl zijn ervan overtuigd de plek te hebben gevonden, met behulp van satellietfoto’s. Wetenschappelijke erkenning laat uiteraard op zich wachten.

Ik weet nog goed, waar het paradijs op aarde zich wél heeft bevonden, tenminste één avond lang. Daar heeft Hugh Johnson met zijn Standaardwerk van de wijnen van de wereld ons heen geleid. Op een zonnige middag in oktober kroop onze HY traag over een smalle bergweg naar de plek, hoog in de Spaanse Pyreneëen, waar het dorpje Scala Dei ligt. Bij een oude dame met een takje munt tussen haar borsten kochten we een doosje Priorato en daarna zochten wij een plekje om te kamperen. Niet ver van het dorp vonden we een plat stukje grond naast de weg, vanwaar we over zeven bergketens uitkeken naar het westen. De zon ging juist onder. Het rook er naar wilde munt en tijm en alleen een doodenkele hommel verbrak zo nu en dan de volmaakte stilte. Eten hadden we bijna niet; alleen wat brood en een stukje llomo. En daarbij maakten wij de eerste fles Priorato open.
Diep, donker, krachtig (14,5%), maar volkomen in evenwicht door zacht fruitige smaken. Allemaal waar, maar het voornaamste, waar Hugh Johnson niet over schreef, is moeilijk onder woorden te brengen. Laat ik er dit over zeggen: toen de fles half leeg was, had ik het gevoel dat we op die plek de hemel zozeer nabij waren, dat een laddertje tegen de wolken zou volstaan om er binnen te gaan. Ik vroeg Alexandra om de kurk terug op de fles te doen. Eén druppel meer had de betovering kunnen verbreken.

Een paar jaar later waren we weer in de buurt. Dit keer om te leren dat je nooit moet proberen de gelukkigste momenten van je leven te herhalen. Men was bezig een snelweg langs het dorpje aan te leggen. De oude dame was er nog wel, maar de 1976-er Priorato was op. Zij wees ons met onverholen trots het nieuwe paradepaard: daar was behalve de traditionele garnacha en cariñena 30% cabernet sauvignon in verwerkt.

Advertenties

Read Full Post »

God

Si Dieu n’existait pas, il faudrait l’inventer.

Voltaire

Mijn grootvader kende destijds, in het oude Sint-Petersburg, een man die godsdiensten ontwierp. Stechler heette hij, Alexander Sergejevitsj Stechler.

Toon Tellegen

Op een avond, onder het eten, vertelde mijn jongste dochter Laura , dat zij de god in wie zij tot dan toe geloofde, had afgeschaft en had vervangen door een andere, die haar beter beviel. Toen ik haar vroeg, waarom die eerste god in ongenade was geraakt, legde zij me uit, dat hij te veeleisend was geweest: ze kon geen goed bij hem doen. Later kon zij zich vooral het uiterlijk van beide opperwezens herinneren. De eerste was grauw en gerimpeld, de tweede glanzend bruin en goedlachs. Geen slechte ruil, dus.

Die van mijn oudste dochter speelde met de wereld als met een poppenhuis vol mensjes en diertjes. Net als zijzelf destijds.

En dat allemaal ondanks – of dankzij – mijn oprechte pogingen hen niet met een duidelijk omschreven godsbeeld te laten opgroeien. Want dat was mijzelf niet goed bevallen en omdat ik het mijne deelde met een calvinistische traditie, kostte het mij veel meer moeite dan Laura om ervan los te komen. Na een half leven is dat wel gelukt, maar ik kan me nog wel het een en ander voorstellen bij de behoefte aan een god.

Als je God weglaat, gaapt er een gat in de bodem van je ziel, een immense afgrond onder je bestaan. En daar was ik als kind al heel bang voor, want ik geloofde heilig in een soort geestelijke zwaartekracht. De god van mijn ouders voelde als een dun vliesje, waar je maar beter niet op kon lopen.

De puber die ik was, verlangde naar een god, die begrijpelijk zou maken wat onbegrijpelijk was. Iedere god die ik daarnaar vroeg, liet mij met nieuwe onbegrijpelijkheden achter.

Soms zocht ik er één, die tegen de machteloosheid hielp. Of tegen de zinloosheid van het bestaan. Of tegen eenzaamheid. Tevergeefs.

Ergens – ik begrijp niet hoe, waar of wanneer – is dat verlangen van mij af gevallen. Uit het zicht verdwenen in een peilloze diepte. Die zie ik wel, als ik naar beneden kijk, maar ik val niet. Daar ben ik te licht voor, te nietig. Het heeft ook geen zin, want er is niets om naartoe te vallen.

Aanleiding voor deze overpeinzingen was bovenstaand plaatje. Er zijn nog altijd mensen die godsdiensten ontwerpen. Een melige Amerikaanse student en zijn Pastafarians kunnen zich met hun Flying Spaghetti Monster vrolijk maken over de pretenties van hun fundamentalistische landgenoten. Wie de bloeddorstige hate-mail op hun site leest, ziet overal de afgrond gapen, met daaroverheen een vliesje, waar je met een sliertje gare spaghetti doorheen kunt prikken.

Read Full Post »