Er is een land
maart 9, 2008 door janiek

Er is een land waar vrouwen willen wonen,
Waar vrouw-zijn niet betekent: tweederangs en bang en klein
Waar vrouwen niet om mannen concurreren
Maar zusters en geliefden kunnen zijn.
Waar rimpels niet de eenzaamheid voorspellen,
Maar paspoort zijn naar wijsheid, aanzien, ’s werelds raadsvrouw zijn.
Waar jonge vrouwen dus een leven voorbereiden
Waarin zij veertig, zestig, tachtig zullen zijn.Er is een land waar vrouwen willen wonen,
Waar onrecht niet als een natuurgegeven wordt beschouwd.
Waar dienstbaarheid niet toevalt aan één sekse,
En niet vanzelf een man de leiding houdt.
Waar moeder niet hetzelfde is als huisvrouw,
Waar steeds opnieuw wordt nagegaan wie zwak zijn en wie sterk.
Waar allen zorgen voor wie hulp behoeven,
En ‘t brood verdienen met maar vijf uur werk.Er is een land waar mannen willen wonen.
Waar jongens van de plicht tot flink en stoer doen zijn bevrijd.
Waar niemand wint ten koste van een ander,
En man-zijn ook betekent: zorgzaamheid.
Waar angst en rouw niet weggemoffeld worden,
Waar mannen zonder baan niet denken dat ze minder zijn.
Waar vrouw en man elkaar niet hoeven haten,
Maar eindelijk bondgenoten kunnen zijn.Er is een land waar mensen willen wonen.
Waar jong zijn niet betekent dat je steeds wordt genegeerd.
Waar zwakken met respect benaderd worden,
En vreemdelingen niet meer gekleineerd.
Waarin geweld door niemand meer geduld wordt,
Waar allen kunnen troosten als een mens ten onder gaat.
Dat is het land waar mensen willen wonen,
Het land waar de saamhorigheid bestaat.
Daar gaan we voor! En ook dat niet iedereen mer man of vrouw hoeft te zijn - maar dat is een beetje van na Jokes tijd. Ik ben benieuwd wat zijn zou hebben gezegd in de debatten over trans en vrouw: zou ze eerder voor de tradtionalisten kiezen a la Greer en Raymond; of zou ze vanuit de gelijkheidsgedachte geen moeite hebben met ons?
Ik denk dat de lijn vanuit dit prachtige gedicht duidelijk is: ze zou denk ik net als velen van ons liever willen dat al het “mannelijke” en al het “vrouwelijke” op 1 hoop gegooid wordt en dat iedereen daaruit pakt wat het beste bij hem/haar/zhaar past…
Dat is een goeie! Helaas kunnen we het haar niet meer vragen.
Hoe hoger de idealen, hoe moeilijker het is om praktijk en preek op hetzelfde vlak te houden. Ik moest aan hetzelfde denken als vreer, toen ik las dat het lied was ontstaan in een lesbisch-feministisch zomerkamp in de 70-ties. Daar stel ik me een sfeer bij voor die een beetje in de richting van “womyn-born-womyn” gaat. Maar dat vooroordeel kan ik ook niet meer ontzenuwd krijgen…
Ik haal dat vooral uit het derde deel over mannen. Zou het echt alleen womyn-born-womyn zijn dan zou ze het daar niet ook opnemen voor mannen die anders zijn, denk ik. Maar goed, in de 70-ties was ik nog kind, dus waar praat ik over